Congres 2006: Bhawisha & Shachindra Joshi

JoshisDe Joshi’s staan bekend om hun dynamische samenwerking en interactie zowel in hun dagelijkse praktijk als op congressen. Ook deze keer was het intrigerend om hen als koppel aan het werk te zien.

Als inleiding van het congres werd uitvoerig ingegaan op twee belangrijke vragen voor de homeopaat tijdens het afnemen van een consult:

Waar ben ik in de case?”
Het belang werd benadrukt om tijdens een consult mee te kunnen gaan met de patient zonder het zich ontvouwende patroon van de patiënt te snel in gekende vakjes te classificeren. Vandaar de noodzaak om in de vorm van het vraaggesprek houvast te vinden zodat de inhoud ervan open kan blijven. Als de homeopaat weet wat hij doet en op welk niveau hij zit in de case, vergemakkelijkt dit het vraaggesprek, zowel voor hemzelf als voor de patient.

Wat is het patroon dat naar boven komt?”.
Op het niveau van emoties beginnen patronen zichtbaar te worden. Wanneer vervolgens op het niveau van de ‘delusions’ op deze patronen verder ingegaan wordt kan de patient tot het niveau van sensaties geleid worden. In dit laatste stadium kan het patroon begrepen worden zonder interpretatie.

In het verder verloop van de eerste dag werden de edelgassen en hun specifieke kenmerken besproken aan de hand van een Argon-casus. Vervolgens werd een Sol-casus getoond om de imponderables toe te lichten met hun eigen polariteit.

Op de tweede dag lag het accent op de nosoden, die uitvoerig met cases van bacilinum, leprominum, carcinosinum en ringworm gedocumenteerd werden. Als toemaatje werd de miasma theorie nog meer uitgediept door een verdere onderverdeling in 3 groepen met in elke groep een minder wanhopige en een sterk wanhopige variant op hetzelfde thema:
1) proberen: ringworm, carcinosinum
2) haast: typhoid, tuberculinisch
3) berusting: malaria, lepra